<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (Z39.96) Journal Publishing DTD with MathML3 v1.4 20241031//EN" "JATS-journalpublishing1-4-mathml3.dtd">
<article article-type="book-review" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xml:lang="en" xmlns:mml="http://www.w3.org/1998/Math/MathML">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">BMGN</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>BMGN - Low Countries Historical Review</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="epub">2211-2898</issn>
<issn pub-type="ppub">0165-0505</issn>
<publisher>
<publisher-name>Royal Netherlands Historical Society &#x007C; KNHG</publisher-name>
<publisher-loc>Amsterdam, The Netherlands</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">bmgn-lchr.28121</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.51769/bmgn-lchr.28121</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject></subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Deftig rechts in het gedrang. De geschiedenis van het Verbond voor Nationaal Herstel 1933-1941</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>van Bueren</surname>
<given-names>Jelle Lammerts</given-names>
</name>
<xref ref-type="aff" rid="aff1"/>
</contrib> 
<aff id="aff1">Universiteit Utrecht</aff>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>07</month>
<year>2026</year>
</pub-date>
<volume>141</volume>
<issue>0</issue>
<elocation-id>20260036</elocation-id>
<product>
<person-group person-group-type="editor">
<name><surname>Klijnsma</surname><given-names>Meine Henk</given-names></name>
</person-group>
<source>Deftig rechts in het gedrang. De geschiedenis van het Verbond voor Nationaal Herstel 1933-1941</source>
<publisher-loc>Hilversum</publisher-loc>
<publisher-name>Verloren</publisher-name>
<year>2025</year>
<page-range>512 pp.</page-range>
<isbn>9789464551532</isbn>
</product>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00A9; 2026 The author(s)</copyright-statement>
<copyright-year>2026</copyright-year>
<license xlink:href="https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/" license-type="open-access">
<license-p>This work is licensed under the Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)</license-p>
</license>
</permissions>
<self-uri xlink:href="http://www.bmgn-lchr.nl/articles/10.51769/bmgn-lchr.28121"/>
<counts>
<page-count count="3"/>
</counts>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>In <italic>Deftig rechts in het gedrang</italic> beschrijft Meine Henk Klijnsma de geschiedenis van het Verbond voor Nationaal Herstel (<sc>vnh</sc>). Deze kleine, rechts-conservatieve partij, die op haar hoogtepunt in 1933 &#x00E9;&#x00E9;n zetel in de Tweede Kamer innam, ageerde tijdens de grote crisis van de democratie in de jaren dertig tegen het partijenstelsel. Klijnsma wil met zijn werk bijdragen aan de historiografie van de Nederlandse partijdemocratie en het antidemocratisch gedachtegoed in het interbellum. De beweging, die na de <sc>nsb</sc> zogezegd &#x2018;electoraal het meest succesvol was op de vaderlandse rechterflank in de jaren &#x2018;30&#x2019; (17), zou door vooraanstaande naoorlogse historici als Lou de Jong namelijk niet voldoende serieus zijn genomen en slechts vluchtig zijn genoemd. Met een uitvoerige monografie over de partij, wier aanhangers vaak in de deftige Rode en Blauwe Boekjes stonden, wil Klijnsma het beeld corrigeren van het <sc>vnh</sc> als irrelevante beweging.</p>
<p>Volgens Klijnsma kan de geschiedenis van de partij ons veel leren over zogenoemde &#x2018;overgangsgroeperingen&#x2019; (17), een begrip gemunt door Hans Blom. Dergelijke bewegingen, die een positie proberen te veroveren tussen het politieke centrum en extreemrechts, zien we vandaag de dag immers ook. De auteur stelt de normatieve vraag of een dergelijke positie houdbaar is en of hedendaagse partijen als <sc>ja</sc>21 en de <sc>bbb</sc> met dezelfde dilemma&#x2019;s kampen als het <sc>vnh</sc> een eeuw geleden. Daarnaast stelt hij de meer historische vragen op welke wijze het <sc>vnh</sc> de weg tussen centrum- en extreemrechts probeerde te bewandelen en of het hier toch niet eigenlijk ging om een fascistische beweging.</p>
<p>Klijnsma&#x2019;s werk volgt op zijn vergelijkbare boek <italic>Om de democratie</italic> uit 2008, waarin hij de geschiedenis van de Vrijzinnig-Democratische Bond (<sc>vdb</sc>) beschrijft. Waar de motivatie voor het eerste boek voortkwam uit een persoonlijke sympathie voor de <sc>vdb</sc> ontbreekt volgens de auteur een dergelijke voorliefde voor het historisch object bij het tweede boek. Maar het doel van beide werken blijft hetzelfde: een volledig historisch overzicht bieden van een tot nog toe weinig beschreven partij. Hiervoor put Klijnsma qua primaire bronnen hoofdzakelijk uit partijdocumenten, gevonden in enkele eerder nog niet toegankelijke archieven, een breed scala aan kranten via Delpher, en verkiezingsuitslagen die minutieus, tot op stembusniveau, zijn geanalyseerd. Daarnaast wordt er geleund op secundaire literatuur, waaronder een niet-gepubliceerde masterscriptie over het <sc>vnh</sc> van Ad Zwaga uit 1985. Tot slot wordt het boek doorkruist met een groot aantal minibiografie&#x00EB;n van <sc>vnh</sc>&#x2019;ers, veelal gebaseerd op secundaire literatuur of online bronnen, welke niet altijd nodig lijken voor de analyse.</p>
<p>Het doel om een alomvattende, chronologische beschrijving van een enkele politieke partij te geven is waarschijnlijk de reden dat het boek zich hoofdzakelijk richt op de ontwikkelingen <italic>binnen</italic> de partij en het sociale netwerk waaruit deze voortkwam. Dat Klijnsma veel intern materiaal heeft ingezien, hoewel er geen centraal partijarchief bestaat, is goed te zien in zijn uitgebreide beschrijving van de partijverhoudingen. Zo worden de verschillende maatschappelijke wortels van het verbond, waaronder conservatief-liberale, christelijk-historische en paramilitaire netwerken, in hoofdstuk 2 ge&#x00EF;dentificeerd en komen partijruzies over een breed scala aan onderwerpen in hoofdstuk 3 aan de orde. Ook de bloeitijd van de partij (hoofdstuk 5), de relatie met de <sc>nsb</sc> (hoofdstuk 6) en het verlies van de enige Kamerzetel (hoofdstuk 7) worden uitgebreid besproken.</p>
<p>Toch concludeert ook Klijnsma uiteindelijk dat het <sc>vnh</sc> vooral een mislukte partij was, waarvoor hij de schuld geeft aan de interne partijstrijd. Daarnaast wijst hij in de conclusie op de tegencampagnes van de gereformeerde <sc>arp</sc>-voorman Hendrikus Colijn, hoewel Klijnsma die in het boek minder uitgebreid bespreekt. Verder kwalificeert Klijnsma het <sc>vnh</sc> als een &#x2018;ideologisch flu&#x00EF;de&#x2019; (410) partij, die zowel verbinding met de conservatieve partijen als de fascistische wereld nastreefde, een conclusie die overigens niet afwijkt van die van andere auteurs die de partij in minder detail beschrijven, zoals Lou de Jong, A.A. de Jonge, Wim Zaal en Ad Zwaga. Op de maatschappelijk relevante vraag of een dergelijke positie vandaag de dag houdbaar kan zijn, antwoordt Klijnsma voorzichtig bevestigend, aangezien &#x2018;een politicus van de statuur van een Colijn&#x2019; (413) nu ontbreekt en er van een cordon sanitaire geen sprake is, terwijl dat juist de factoren waren die het <sc>vnh</sc> in de jaren dertig dwarszaten.</p>
<p>De sterke focus op het interne reilen en zeilen van de partij leidt er wel toe dat de rol van de partij in de bredere crisis van de democratie in het interbellum niet altijd duidelijk wordt en dat de vraag blijft of het <sc>vnh</sc> daarin relevant was. Ondermijnde de partij met haar gedrag en geflirt met de <sc>nsb</sc> het functioneren van de rechtsstaat en de parlementaire democratie, vormde zij een obstakel in de gemeenteraden waarin zij zitting had, of deed zij eigenlijk goed mee aan het democratische proces? Voornamelijk een diepere analyse van parlementaire en gemeentelijke debatten, welke nu beperkt blijft tot enkele interventies van Kamerlid Westerman over de <sc>nsb</sc>, had hier uitkomst kunnen bieden. Daarnaast laat de auteur, op een korte passage in hoofdstuk 7 en een internationale paragraaf in de conclusie na, de buitenlandse context grotendeels buiten beschouwing. Volgens Klijnsma waren &#x2018;deftige&#x2019; partijen uit het buitenland eenzelfde lot beschoren als het <sc>vnh</sc>, namelijk een vrij geruisloze dood in het gedrang tussen democratische middenpartijen en fascisme. Als voorbeeld noemt hij de Duitse <sc>dnvp</sc>, die na de <italic>Gleichschaltung</italic> verboden werd, en de Franse <sc>psf</sc>, die pas tijdens de oorlog enige ruimte kreeg. Dit terwijl de <sc>dnvp</sc> in de beginjaren van de Weimarrepubliek juist zeer succesvol was en een essentieel onderdeel van het politieke landschap vormde en de <sc>psf</sc> een absolute massabeweging was die de Franse rechterflank volledig dreigde over te nemen. De zeer succesvolle rechts-conservatieve, antidemocratische bewegingen in Zuid- en Oost-Europa worden vanwege &#x2018;de fundamenteel andere context&#x2019; (406), namelijk een minder gewortelde parlementaire democratie, buiten beschouwing gelaten.</p>
<p><italic>Deftig rechts in het gedrang</italic> voorziet in een zeer gedegen en gedetailleerde beschrijving van de interne partijverhoudingen van het <sc>vnh</sc> en biedt daarmee een nieuwe aanmoediging de partij en het rechts-conservatisme ook nader in internationaal vergelijkend en historisch perspectief te onderzoeken. Met een dergelijke analyse zou ook de belangrijke vraag kunnen worden beantwoord wat de functie van &#x2018;deftig rechts&#x2019; was en kan zijn in een tijd waarin de bestaande vormgeving van de democratie onder zware binnen- en buitenlandse druk staat.</p>
</body>
</article>