<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (Z39.96) Journal Publishing DTD v1.0 20120330//EN" "JATS-journalpublishing1.dtd">
<article article-type="book-review" xml:lang="en" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">BMGN</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>BMGN - Low Countries Historical Review</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="epub">2211-2898</issn>
<issn pub-type="ppub">0165-0505</issn>
<publisher>
<publisher-name>Royal Netherlands Historical Society &#x007C; KNHG</publisher-name>
<publisher-loc>Amsterdam, The Netherlands</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">bmgn-lchr.23659</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.51769/bmgn-lchr.23659</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject></subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Ooggetuigen van de Nederlandse slavernij. Van overtocht tot opstand</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>van Duijvenvoorde</surname>
<given-names>Britt</given-names>
</name>
<xref ref-type="aff" rid="aff1"/>
</contrib>
<aff id="aff1">Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis</aff>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>07</month>
<year>2025</year>
</pub-date>
<volume>140</volume>
<issue>0</issue>
<elocation-id>20250036</elocation-id>
<product>
<person-group person-group-type="author">
<name><surname>Fatah-Black</surname><given-names>Karwan</given-names></name>
<name><surname>de Koning</surname><given-names>Camilla</given-names></name>
</person-group>
<source>Ooggetuigen van de Nederlandse slavernij. Van overtocht tot opstand</source>
<publisher-loc>Amsterdam</publisher-loc>
<publisher-name>Querido</publisher-name>
<year>2024</year>
<page-range>148 pp.</page-range>
<isbn>9789021425474</isbn>
</product>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00A9; 2025 The author(s)</copyright-statement>
<copyright-year>2025</copyright-year>
<license xlink:href="https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/" license-type="open-access">
<license-p>This work is licensed under the Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)</license-p>
</license>
</permissions>
<self-uri xlink:href="http://www.bmgn-lchr.nl/articles/10.51769/bmgn-lchr.23659"/>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>&#x2018;Wie waren de slaafgemaakten die deel zijn geworden van de Nederlandse geschiedenis?&#x2019; (184). Dit is de kernvraag van <italic>Ooggetuigen van de Nederlandse slavernij. Van overtocht tot opstand</italic>, geschreven door Karwan Fatah-Black en Camilla de Koning. De slaafgemaakten Adjuba, Quamina, Mariana en nog vele anderen geven in dit boek een gezicht aan de geleefde ervaring &#x2013; de wensen, gevoelens en het verzet &#x2013; van slaafgemaakte mensen tijdens de trans-Atlantische slavernij. Zij voegen zich in dit boek bij een reeks reeds bekendere namen van verzetshelden zoals Coffy, Tula, Boni en Jolicoeur, die zich meer en meer in de publieke herinnering van slavernij nestelen. Ondanks het feit zij allen &#x2018;slaafgemaakt&#x2019; waren, stellen de auteurs, waren hun ervaringen en verhalen divers: &#x2018;de slaafgemaakten waren immers meer dan alleen slachtoffers en helden&#x2019; (186).</p>
<p>In dit publieksboek presenteren Fatah-Black en De Koning een geschiedschrijving van slavernij in de Atlantische wereld vanuit een &#x2018;ontketenend perspectief&#x2019; waarin de ervaringen van slaafgemaakten centraal staan. De auteurs openen het boek met de observatie dat het perspectief van de koloniale machthebber dominant is in zowel de oudere historiografie als het koloniale archiefmateriaal. In een poging dit koloniale perspectief te ontwrichten, lichten de andere hoofdstukken ieder een chronologisch element van de ervaringen van slaafgemaakten uit. Zo beschrijft hoofdstuk 2 hoe mensen tot slaaf werden gemaakt in Afrika, terwijl andere hoofdstukken achtereenvolgens de overtocht en de ontmenselijkende praktijken van veilen en brandmerken in de koloni&#x00EB;n behandelen. Volgende hoofdstukken focussen op het leven op de plantages, verschillende manieren uit slavernij te vluchten, vrouwenwerk, en opstand en emancipatie. In het laatste hoofdstuk focussen de auteurs op de hardnekkigheid van koloniale beeldvorming in onze hedendaagse maatschappij middels voorbeelden van taalgebruik en publieke standbeelden.</p>
<p>De vloeiende schrijfstijl van dit boek maakt het toegankelijk voor een algemeen publiek. Waar Nederlandse studies van slavernij zich veelal focussen op een bepaald aspect van slavernij, verschaffen de auteurs een overkoepelend, chronologisch narratief. Doordat het werk de trans-Atlantische slavenhandel vanaf het moment van tot slaaf making tot aan het verkrijgen van vrijheid beschrijft, krijgt de lezer een indringend beeld van deze geschiedenis. Tevens schenken de auteurs aandacht aan aspecten van slavernij die normaliter onderbelicht blijven. Zo voegen beschrijvingen van het veilen en brandmerken van slaafgemaakten pijnlijke details toe aan de gewelddadige en ontmenselijkende praktijken van de slavenhandel. Ook het hoofdstuk waarin beschreven wordt hoe Joost, Pita en Laquai op Nederlandse bodem hun vrijheid trachtten te verkrijgen is een belangrijke toevoeging, aangezien slavernij op Nederlands grondgebied vaak buiten beschouwing wordt gelaten in slavernijgeschiedenissen.</p>
<p>Een keerzijde van deze brede scope is dat de schrijvers niet alles even uitvoerig kunnen beschrijven, noch voor ieder aspect van slavernij nieuwe ooggetuigenissen naar voren kunnen brengen. De hoofdstukindeling weerspiegelt een duidelijk overwicht van de ervaring van slaafgemaakten na aankomst in de koloni&#x00EB;n. Ervaringen van tot slaafmaking in Afrika worden in een enkel hoofdstuk beschreven, grotendeels aan de hand van de welbekende slavennaratieven uit de Britse context van voormalig tot slaafgemaakten Olaudah Equiano en Ottobah Cugano, en zonder verdere uitleg over hoe de Nederlandse slavenhandel zich verhield tot de Britse. Het hoofdstuk over opstand beslaat maar zeven pagina&#x2019;s. Het beschrijft een opstand op de Cura&#x00E7;aose plantage Hato, die in 2012 al door Han Jordaan is beschreven, met verder enkele terloopse verwijzingen naar opstanden in andere koloni&#x00EB;n in de Cara&#x00EF;ben.</p>
<p>Enkele hoofdstukken bieden nieuwe perspectieven. In het hoofdstuk over vrouwenwerk leert de lezer Mariana kennen, een van de slaafgemaakte vrouwen die werkzaam waren als vroedvrouw te Suriname. Ooggetuigenissen zoals die van Mariana laten zien dat gender bepalend was voor de ervaringen van slaafgemaakte mensen. Ook de door de auteurs beschreven ervaringen van slaafgemaakte vrouwen aan boord van slavenschepen, zoals zwangerschap of seksuele exploitatie, maken het belang van een genderanalyse voor de ervaring van slaafgemaakten duidelijk. Dit is een goede eerste stap, al blijven andere aspecten van positionaliteit, zoals leeftijd, spiritualiteit, afkomst, en bekwaamheid in dit boek onderbelicht. De door de schrijvers beloofde diversiteit aan ooggetuigenissen blijft daardoor gelimiteerd; de specifieke ervaringen van slaafgemaakte kinderen, ouderen, zieken en collaborateurs worden niet of nauwelijks behandeld. Ook beschrijft het boek enkel de Nederlandse geschiedenis van slavernij in de Atlantische context, met een zwaartepunt op slavernij te Cura&#x00E7;ao en Suriname. Getuigenissen uit gebieden als Zuid-Afrika of Azi&#x00EB; komen niet aan bod.</p>
<p>Naast de verhalen van slaafgemaakten stellen de auteurs ook de methodiek van de geschiedschrijving zelf centraal door expliciet &#x2018;transparant [te] willen zijn over [hun] eigen proces van selectie en interpretatie&#x2019; (19). Dit is een zeer constructieve stap in de ontwikkeling van de ethiek van de geschiedschrijving en het cre&#x00EB;ren van connecties met een algemener leespubliek. Helaas wordt toch niet helemaal duidelijk hoe de auteurs hun bronmateriaal verzameld hebben en welke leestechnieken zij gebruikt hebben om tot hun &#x2018;ontketenend perspectief&#x2019; te komen. In het openingshoofdstuk kaarten de auteurs doeltreffend aan welke kritische vragen aan het bronmateriaal gesteld moeten worden, maar ze slagen er, mede door de staat van het koloniale archief, niet altijd in deze vragen ook daadwerkelijk te beantwoorden. Ook is er weinig engagement met de bestaande historiografie, waardoor de door de auteurs in hoofdstuk 1 aangehaalde &#x2018;discussie met andere historici over de keuzes die zij maakten bij het interpreteren van het materiaal&#x2019; (19) op de achtergrond blijft. Een uitgebreidere historiografische reflectie had de lezer meer duidelijkheid kunnen geven over de verhouding van dit boek tot een langere traditie aan kritische leesmethodes van koloniale bronnen, met auteurs als Saidyia Hartman (2008) en Ranajit Guha (1983). Het was ook een verrijking geweest als de lezer meer te weten had kunnen komen over de gebruikte digitale infrastructuur &#x2013; nu enkel genoemd in het dankwoord.</p>
<p>Een van de sterkste kanten van dit boek zijn de reflecties op de nawerkingen van het slavernijverleden in onze huidige maatschappij en het belang van het ontwikkelen van een onketenend perspectief. Slavennarratieven hebben lang niet centraal gestaan in de publieke herinnering van het Nederlands slavernijverleden. Er lijkt echter een verschuiving plaats te vinden. Zo werden de excuses van de koning voor Nederlands trans-Atlantische slavernijverleden gevolgd door tentoonstellingen in het Rijksmuseum in 2022 en in het Scheepvaartmuseum in 2025 waarin het perspectief van slaafgemaakten centraal stond. Ook de oprichting van het Nationaal Slavernijmuseum, het kabinetsfonds voor bewustwording van het Nederlands slavernijverleden en het in 2025 opgerichte Herdenkingscomit&#x00E9; Slavernijverleden zullen bijdragen aan het ontketenen van Nederlands koloniale perspectief. Dit boek voegt zich zodoende in de reeks interventies die pleiten voor het opnemen van de perspectieven van slaafgemaakten in het nationale geschiedverhaal.</p>
<p>Maar, zoals de auteurs stellen, deze verandering gaat traag en &#x2018;de hardnekkigheid waarmee wordt vastgehouden aan de oude patronen van ontkenning en bagatellisering&#x2019; behoeft herhaaldelijke bemiddeling (188). Het aanhalen van verschillende beelden van de slavernij en manieren waarop deze doorwerkt &#x2013; het computerspel <italic>Slave Tetris</italic>, de Nederlandse canon, standbeelden &#x2013; maakt de relevantie van de sporen van de slavernij goed duidelijk. Het woord &#x2018;slaafgemaakt&#x2019; zelf, beargumenteren de auteurs terecht, stelt een proces van slaafmaking voor waardoor een persoon als geheel gereduceerd wordt tot &#x2018;slaaf&#x2019;. Het zou beter zijn om de taal van nazaten te gebruiken, die hun voorouders &#x2018;katibu&#x2019; noemen &#x2013; een woord dat meer gevangenschap dan slaafse onderdanigheid behelst (187). In het kader van het belang van een &#x2018;ontketenend perspectief&#x2019; was het een mooi gebaar geweest als de auteurs het woord ook zelf hadden overgenomen.</p>
<p><italic>Ooggetuigenissen van de Nederlandse slavernij</italic> biedt perspectief op het lezen van koloniale literatuur en archieven en het kantelen van hardnekkig koloniaal (intellectueel) erfgoed. Hoewel de diversiteit aan ooggetuigenissen gelimiteerd is, zijn de persoonlijke en grotendeels ongehoorde verhalen die het boek waarborgt van ongekende waarde. Uiteindelijk zijn het deze getuigenissen die het vanzelfsprekende gezichtspunt van de koloniale machthebber helpen loswrikken. Hiermee is dit boek zonder twijfel een cruciale schakel in de herhaaldelijke bemiddeling die nodig is om het dominante koloniale perspectief in het nationale geschiedverhaal van Nederland te nuanceren.</p>
</body>
</article>
