<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (Z39.96) Journal Publishing DTD v1.0 20120330//EN" "JATS-journalpublishing1.dtd">
<article article-type="book-review" xml:lang="en" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">BMGN</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>BMGN - Low Countries Historical Review</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="epub">2211-2898</issn>
<issn pub-type="ppub">0165-0505</issn>
<publisher>
<publisher-name>Royal Netherlands Historical Society &#x007C; KNHG</publisher-name>
<publisher-loc>Amsterdam, The Netherlands</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">bmgn-lchr.20999</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.51769/bmgn-lchr.20999</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject>Book Review</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Dansen rond de troon van Willem I. De hoven in Den Haag en Brussel, 1813-1830</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>van Zanten</surname>
<given-names>Jeroen</given-names>
</name>
<xref ref-type="aff" rid="aff1"/>
</contrib>
<aff id="aff1">Universiteit van Amsterdam</aff>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>12</month>
<year>2024</year>
</pub-date>
<volume>139</volume>
<issue>0</issue>
<elocation-id>20240064</elocation-id>
<product>
<person-group person-group-type="author">
<name><surname>Welten</surname><given-names>Joost</given-names></name>
</person-group>
<source>Dansen rond de troon van Willem I. De hoven in Den Haag en Brussel, 1813-1830</source>
<publisher-loc>Gorredijk</publisher-loc>
<publisher-name>Sterck &#x0026; De Vreese</publisher-name>
<year>2023</year>
<page-range>520 pp.</page-range>
<isbn>9789464710540</isbn>
</product>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00A9; 2024 The author(s)</copyright-statement>
<copyright-year>2024</copyright-year>
<license xlink:href="https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/" license-type="open-access">
<license-p>This work is licensed under the Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)</license-p>
</license>
</permissions>
<self-uri xlink:href="http://www.bmgn-lchr.nl/articles/10.51769/bmgn-lchr.20999"/>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>&#x2018;Het oor hebben van de koning(in)&#x2019; gold in de middeleeuwen en vroegmoderne tijd als het hoogste privilege. Wie toegang had tot de vorst of vorstin, kon immers invloed uitoefenen. In landen met sterke vorstenhuizen zoals Frankrijk vormde dit voorrecht een vitaal onderdeel van de hofcultuur. In de Nederlandse historiografie is aan dit fenomeen betrekkelijk weinig aandacht besteed. Over het stadhouderlijk hof en de ontwikkeling van erfelijk stadhouderschap is wel het een en ander verschenen, bijvoorbeeld de bundel <italic>Vermaak van de elite in de vroegmoderne tijd</italic> onder redactie van Jan de Jongste, Juliette Roding en Baukje Thijs uit 1999. Voor het laatachttiende-eeuwse hofleven zijn diverse publicaties van Jos Gabri&#x00EB;ls belangrijk; zijn studies naar het stadhouderlijk stelsel en de praktijk aan het hof van Lodewijk Napoleon hebben veel nieuwe inzichten opgeleverd. Maar naar het negentiende-eeuwse hof van de Oranjevorsten is niet of nauwelijks onderzoek gedaan. Gelukkig is daar nu verandering in gekomen met de publicatie van <italic>Dansen rond de troon van Willem <sc>i</sc></italic> van Joost Welten.</p>
<p>De studie van Welten maakt deel uit van het Leidse project <italic>Monarchy in Turmoil: Rulers, Courts and Politics in The Netherlands and Germany, C.1780-C.1820.</italic> In dit project onder leiding van Jeroen Duindam staat de vraag centraal hoe monarchaal gezag zich in Nederland en Duitsland herdefinieerde gedurende de periode van revolutie en restauratie. Dat zowel continu&#x00EF;teit als verandering in hofcultuur hierbij een centrale rol spelen, blijkt goed uit Weltens onderzoek. In zijn erg mooi uitgegeven boek, dat rijk is ge&#x00EF;llustreerd met prenten en schilderijen die nog niet eerder zijn gebruikt in publicaties, schetst Welten een gedetailleerd en veelkleurig beeld van hovelingen, feesten, ontvangsten en ceremonies aan het hof ten tijde van Willem <sc>i</sc>.</p>
<p>In het eerste hoofdstuk richt Welten zich op de paleizen en de ontwikkeling van Den Haag en Brussel als residenties van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Met goedgekozen citaten beschrijft hij het ongemak met het gebrek aan ruimte en plechtige ontvangstruimte in Den Haag en de &#x2018;majestueuzere&#x2019; en koninklijkere ambiance in Brussel (55-72). Het tweede hoofdstuk gaat over de mannen aan het hof en de vele &#x2018;functies&#x2019; en &#x2018;rollen&#x2019; die zij bekleedden. Interessanter is echter het daaropvolgende derde hoofdstuk over vrouwen aan het hof. Welten laat daarin zien dat de eenzijdige mannengeschiedenis volstrekt achterhaald is en politieke en sociale verhoudingen in de hoogste kringen alleen echt goed te begrijpen zijn door oog te hebben voor de rol van vrouwen en met een ander perspectief te kijken naar man-vrouwverhoudingen. In diverse studies heeft Johanna Naber al op de prominente rol van vrouwen in het huis van Oranje gewezen, en binnenkort zal met de publicatie van de vier vorstinnenbiografie&#x00EB;n recht worden gedaan aan de politieke invloed van de Oranjeprinsessen en -koninginnen. Weltens onderzoek naar de positie van vrouwen aan het hof biedt hiertoe veel aanknopingspunten. Zo laat hij zien dat de vorstinnen en de prinsessen samen met hofdames een belangrijke rol speelden in het functioneren van het hof. Vooral bij het leggen en onderhouden van informele contacten tussen ambassadeurs, ministers en afgevaardigden van de Eerste en Tweede Kamer en leden van het huis van Oranje waren vrouwelijke hovelingen onmisbaar. Een van de rode draden in het hoofdstuk is het verhaal van Rose de Roisin, die als jonge hofdame met haar bijzondere sociale vaardigheden en representatieve uiterlijk bijdroeg aan de grandeur van het hof, en uiteindelijk in het huwelijk trad met de veel oudere secretaris van staat Anton Reinhard Falck. Ook een andere hofdame, Charlotte von Estorff, wordt door Welten aangewezen als een belangrijke politieke en sociale <italic>trait d&#x2019;union.</italic> Als wandelende encyclopedie van het mondaine leven wist zij exact wie wel en wie niet diende te worden uitgenodigd op galabals en diners.</p>
<p><italic>Dansen rond de troon van Willem <sc>i</sc></italic> is vooral een inventariserende studie, een op primair materiaal gebaseerd onderzoek naar het vroege Nederlandse hof dat in een leemte voorziet. In deze opzet is het boek zonder meer geslaagd. Welten maakt gebruik van een breed en origineel corpus aan bronnen. Behalve offici&#x00EB;le archiefstukken, egodocumenten en briefwisselingen heeft hij veel oog voor materi&#x00EB;le bronnen, bijvoorbeeld voor de uniformen die door mannen werden gedragen, voor de damesmode, voor de vele hofleveranciers die goederen leverden en voor de inrichting van koninklijke paleizen en gebouwen en voor de aankleding van het hof in het algemeen. Door deze brede en integrale benadering is Weltens studie niet alleen interessant voor politiek historici, maar ook van belang voor cultuur- kunst- en architectuurhistorici die zich bezighouden met de vroege negentiende eeuw.</p>
<p>Ofschoon <italic>Dansen rond de troon van Willem <sc>i</sc></italic> vooral een inventariserende studie is, zoekt Welten toch enkele keren expliciet het debat op met historici die recent onderzoek hebben gedaan naar de restauratieperiode onder Willem <sc>i</sc>. Het is gebruikelijk dat een dergelijke historiografische positionering en/of verantwoording in de inleiding wordt gegeven, maar Welten kiest ervoor dit pas aan het einde van zijn boek te doen, nadat hij in de voorafgaande hoofdstukken alle facetten van het hofleven heeft onderzocht. Dit &#x2018;achterafje&#x2019; is verfrissend en de lezer kan Weltens kritische historiografische analyse hierdoor goed volgen, gebruikmakend van wat er in de voorafgaande hoofdstukken is gezegd en beschreven. Terecht merkt hij op dat er in de politieke geschiedschrijving, alsmede in historisch eliteonderzoek, een blinde vlek bestaat voor de innige relatie van de monarchie en het hof met de adel, het patriciaat en de hoge burgerij. Welten stelt dat het politieke en sociale domein in de eerste helft van de negentiende eeuw niet los van elkaar kunnen worden gezien; vroeg-negentiende-eeuwse politiek had zowel op regionaal als nationaal niveau een persoonlijk, informeel en particulier karakter. Volgens Welten is onderzoek naar sociaal verkeer en sociale verhoudingen dan ook cruciaal om de machtsverhoudingen onder Willem <sc>i</sc> te begrijpen en te duiden. <italic>Dansen rond de troon van Willem <sc>i</sc></italic> is wat dit betreft een welkome aanvulling op de historiografie.</p>
<p>Toch moet er ook een kritische noot worden geplaatst; de beloofde internationale vergelijking komt niet helemaal uit de verf. In de slotbeschouwing vergelijkt Welten het Nederlandse hof en het monarchaal gezag met die in omliggende landen. Volgens hem ligt een vergelijking met Beieren en W&#x00FC;rttemberg voor de hand. Deze koninkrijken lijken inderdaad op elkaar, zeker na 1800, wat betreft de combinatie van traditie en moderniteit, maar dit geldt bijvoorbeeld ook voor Pi&#x00EB;mont-Sardini&#x00EB; en de monarchie in de Scandinavische landen. De vergelijking met de twee Duitse vorstenhuizen blijft wat oppervlakkig en dat is jammer. Bovendien zou het interessant geweest zijn om expliciet te kijken naar hoe het hofleven en het monarchale gezag zich in samengestelde &#x2013; zogenaamde verenigde &#x2013; koninkrijken ontwikkelde. Alvin Jackson, hoogleraar Moderne Geschiedenis aan de University of Edinburgh, heeft onlangs een interessant boek over dergelijke unie-koninkijken gepubliceerd, onder de titel <italic>United Kingdoms. Multinational Union States in Europe and Beyond, 1800-1925</italic>. Welten had hier in zijn slotbeschouwing bij kunnen aanhaken en het comparatieve deel van zijn studie iets meer kunnen uitwerken. Zo had hij bijvoorbeeld nader kunnen onderzoeken of het centrale monarchale gezag, alsmede de politieke en bestuurlijke aspecten van het hofleven, zich in samengestelde koninkrijken zoals het Verenigd Koninkrijk van Willem <sc>i</sc>, het koninkrijk Pi&#x00EB;mont-Sardini&#x00EB; of de personele unie van Zweden en Noorwegen anders ontwikkelden dan in enkelvoudige monarchie&#x00EB;n.</p>
<p>Maar dit is slechts een kleine kanttekening &#x2013; meer een suggestie voor vervolgonderzoek. Al met al is <italic>Dansen rond de troon</italic> een zeer helder geschreven, buitengewoon goed gedocumenteerde en vernieuwende studie, waarin de informele politieke cultuur onder Willem <sc>i</sc> op voortreffelijke wijze wordt geduid.</p>
</body>
</article>