<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (Z39.96) Journal Publishing DTD v1.0 20120330//EN" "JATS-journalpublishing1.dtd">
<article article-type="book-review" xml:lang="en" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">BMGN</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>BMGN - Low Countries Historical Review</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="epub">2211-2898</issn>
<issn pub-type="ppub">0165-0505</issn>
<publisher>
<publisher-name>Royal Netherlands Historical Society &#x007C; KNHG</publisher-name>
<publisher-loc>Amsterdam, The Netherlands</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">bmgn-lchr.20993</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.51769/bmgn-lchr.20993</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject>Book Review</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Ongekend en onderscheidend. De geheime geschiedenis van de <sc>mivd</sc></article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Lasoen</surname>
<given-names>Kenneth</given-names>
</name>
<xref ref-type="aff" rid="aff1"/>
</contrib>
<aff id="aff1">Universiteit Antwerpen</aff>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>12</month>
<year>2024</year>
</pub-date>
<volume>139</volume>
<issue>0</issue>
<elocation-id>20240062</elocation-id>
<product>
<person-group person-group-type="author">
<name><surname>de Graaff</surname><given-names>Bob</given-names></name>
</person-group>
<source>Ongekend en onderscheidend. De geheime geschiedenis van de <sc>mivd</sc></source>
<publisher-loc>Amsterdam</publisher-loc>
<publisher-name>Boom</publisher-name>
<year>2022</year>
<page-range>464 pp.</page-range>
<isbn>9789024444649</isbn>
</product>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00A9; 2024 The author(s)</copyright-statement>
<copyright-year>2024</copyright-year>
<license xlink:href="https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/" license-type="open-access">
<license-p>This work is licensed under the Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)</license-p>
</license>
</permissions>
<self-uri xlink:href="http://www.bmgn-lchr.nl/articles/10.51769/bmgn-lchr.20993"/>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>Militair gezien zou Nederland weinig te betekenen hebben in Europa. &#x2018;Op het terrein van den inlichtingendienst echter, zullen wij, afgezien van de onschatbare waarde voor onszelve, een bijdrage kunnen leveren die naar verhouding veel grooter is dan de machtsverhoudingen zouden doen vermoeden.&#x2019; Dit citaat van een inlichtingenchef net na de Tweede Wereldoorlog, uit een eerder boek van Bob de Graaff over de inlichtingendienst, <italic>Villa Maarheeze</italic> (1998), toont dat de Nederlandse ambitie om met inlichtingenwerk prestige te behalen ver teruggaat. <italic>Ongekend en onderscheidend</italic> beschrijft de lange weg die de Nederlandse militaire inlichtingen- en veiligheidsdienst, vandaag bekend als <sc>mivd</sc>, heeft afgelegd om te worden tot een slagvaardige dienst die een belangrijke bijdrage levert aan het functioneren van de krijgsmacht en aan de Nederlandse nationale veiligheid.</p>
<p>Deze geschiedenis van de <sc>mivd</sc> markeert de twintigste verjaardag van de Nederlandse militaire geheime dienst. De auteur kreeg hiervoor onbeperkt toegang tot het <sc>mivd</sc>-archief. Dat nam de moeilijkheden die typisch gepaard gaan met onderzoek over geheime diensten niet weg, omdat deze archieven vanwege hun gevoeligheid vaak in meer fragmentarische staat zijn dan andere archieven. Maar de auteur is meer dan bekend met dergelijke moeilijkheden. Bob de Graaff is een paragon van de Nederlandse inlichtingenstudies. Dat hij werd aangezocht om een &#x2018;officieel&#x2019; historisch overzicht van de <sc>mivd</sc> te componeren is een mooie bekroning op zijn omvangrijk eerder werk, en een welkome mentaliteitswijziging ten aanzien van de tegenwerking en zelfs intimidatie die voorafging aan de totstandkoming van <italic>Villa Maarheeze</italic>.</p>
<p>Deze geschiedenis bestudeert alle voorlopers van de huidige <sc>mivd</sc>, vanaf het Bureau vreemde legers dat in 1912 tot stand kwam. In chronologische volgorde wordt overlopen wat de verschillende incarnaties van de Nederlandse militaire veiligheidsdienst hebben meegemaakt en gedaan tegen de achtergrond van de gebeurtenissen die een impact hadden op de Nederlandse en Europese veiligheid. Tijdens de Eerste Wereldoorlog en het interbellum boekte de dienst nog weinig successen, zoals de eerste hoofdstukken tonen. De Koude Oorlog, die een ware spionnenstrijd was, neemt het grootste deel van het boek in. Verscheidene hoofdstukken beschrijven hoe de Nederlandse militaire veiligheidsdienst het opnam tegen de <sc>kgb</sc> van de Sovjets en zijn aanhangende spionagediensten, alleen of in hecht verband met de (<sc>navo</sc>-)bondgenoten. Er kon tijdens de Koude Oorloag moeilijk gesproken worden van &#x00E9;&#x00E9;n militaire inlichtingendienst (<sc>mid</sc>), want landmacht, luchtmacht en marine hadden ieder een eigen inlichtingenpoot die geheel los van de andere functioneerde. Een rode draad doorheen deze hoofdstukken is dan ook de concurrentiestrijd en de steeds terugkerende conflicten die deze diensten kenmerkten. Daarbij werd ook vaak naast elkaar gewerkt. De prioriteiten lagen in deze periode bij het bestuderen van de militaire capaciteiten van de Warschaupactlanden, zonder al te veel strategische analyse. De contra-inlichting en operationele veiligheid bleken daarbij eerder op het achterplan te staan. Naar verhouding komt de inlichtingendienst van de Marine (<sc>marid</sc>) meer aan bod dan die van de Landmacht en de Luchtmacht (respectievelijk <sc>luid</sc> en <sc>lamid</sc>).</p>
<p>Het derde grote deel van het boek gaat over de evolutie van de dienst na de val van de Sovjet-Unie, die een overgang betekende van &#x00E9;&#x00E9;n duidelijke vijand naar een panoplie van diffuse en complexe dreigingen. Dit bleek een moeilijke aanpassing voor de in de Koude Oorlog vastgeroeste en sterk naar binnen gekeerde diensten. Ze misten zo heel wat kansen om doeltreffend te zijn, waardoor hun opdrachtgevers weinig waarde hechtten aan de militaire inlichtingen die ze verschaften. Eens daaruit de natuurlijke conclusie kwam dat die drie inlichtingenafdelingen beter zouden samensmelten, gingen de veiligheidsuitdagingen en de technische eisen van het moderne inlichtingenwerk gepaard met de administratieve moeilijkheden van de ene reorganisatie na de andere. De zeer moeizame en trage transitie, die nog eens verder werd verstoord door de omwentelende invloed van het Srebrenica-falen, legde de algemene disfunctie van de <sc>mid</sc> bloot. Vanaf de jaren 2000 werd echter de professionalisering ingezet. Dat kon doordat &#x2018;de werkvloer bij een krappe bemensing en dikwijls onder hoge tijdsdruk vaak met creatieve oplossingen kwam en er synergie ontstond wanneer specialisten vanuit diverse disciplines elkaar vonden&#x2019; (322). De Graaff besteedt hierbij vooral (positieve) aandacht aan de sturende rol van de diensthoofden. Hieruit komt een beeld naar voren van directeuren die telkens konden bogen op het goede werk van hun voorgangers.</p>
<p>Het hoogtepunt van deze toenemende slagvaardigheid was de opname van de Nederlandse <sc>sigint</sc>-capaciteiten (het onderscheppen van elektronische signalen en communicatie) in de zogeheten &#x2018;Nine Eyes&#x2019;-alliantie in het kader van de internationale militaire operatie in Afghanistan, wat van Nederland een speler in de &#x2018;Intelligence Champions League&#x2019; maakte (333, 361). De zoektocht naar meer doeltreffendheid, meer bepaald het vervullen van de ambities om offensiever te werk te gaan of te voldoen aan de verwachtingen van buitenlandse partnerdiensten, deed de <sc>mivd</sc> zich evenwel wagen aan enkele avonturen. Op dergelijke incidenten inzake de &#x2018;onfatsoenlijke&#x2019; activiteiten van de dienst wordt eerder kort ingegaan. Het verzoenen van inlichtingenbehoeften en navenante verwerving met de strenge wettelijke normen en het democratisch toezicht blijft een uitdaging. Het boek sluit af met enkele thematische hoofdstukken, bijvoorbeeld over de verstoring van de Russische inbraakpoging bij de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens in den Haag in 2018, en een extra beschouwing van de relatie tussen de militaire en de burgerlijke veiligheidsdienst, die ook meer onderlinge strijd dan samenwerking met zich meebracht. Een slotwoord maakt de balans op van deze 112-jarige evolutie met het oog op de toekomst.</p>
<p><italic>Ongekend en onderscheidend</italic> kan worden beschouwd als h&#x00E9;t referentiewerk over de Nederlandse militaire geheime dienst. In zekere zin is het een anthologie van het eerder werk van De Graaff. De meeste ontwikkelingen die in het boek voorkomen werden al eerder door hem of door zijn collega&#x2019;s uitgespit. Er is dan ook weinig geheel nieuw in het boek. Soms kon gebruik worden gemaakt van niet eerder gezien materiaal, wat bijvoorbeeld een excursie over spionageactiviteiten in Polen mogelijk maakte in hoofdstuk 11. Maar schokkende zaken of informatie die een geheel nieuw licht werpen op bepaalde gebeurtenissen heeft het <sc>mivd</sc>-archief momenteel (nog) niet onthuld. Het gebruikte interne materiaal is vaak eerder onschuldig, zoals visiedocumenten met reflecties op de werking van de dienst en gesuggereerde hervormingen ervan. De meerwaarde daarvan is dat de gebeurtenissen vanuit het institutioneel perspectief van de dienst worden getoond. Het boek is dan ook doorspekt met analyses van de organisatorische uitdagingen die bij het inlichtingenwerk van de verschillende diensten kwamen kijken. De Graaff heeft ook aandacht voor de ruimere internationale context en ontwikkelingen op inlichtingenvlak in het buitenland. Deze worden aangevuld met de inhoud van inlichtingenproducten, dreigingsanalyses, situatierapporten en assessments van de Nederlandse dienst. De vele organisatorische hervormingen maken echter dat het boek dikwijls eerder bureaucratische passages bevat. Deze gedeelten kreunen vaak onder de afkortingen van de verschillende departementen en functies. Het gebruikte jargon wordt gelukkig helder uitgelegd, en de afkortingen worden toelicht in een glossarium. Wel bevat het boek helaas geen notenapparaat en bibliografie &#x2013; daarvoor wordt de lezer doorverwezen naar de website van de uitgeverij.</p>
<p>Dit monumentale werk staat toe om op toegankelijke wijze meer te leren over inlichtingenwerk in het algemeen, en vooral om te zien hoe de Nederlandse geheime dienst zich van een vaak krakkemikkige organisatie, die zeer geringe waardering genoot van zowel haar opdrachtgevers als haar eigen medewerkers, ontwikkelde naar een onmisbare schakel in de veiligheidsketen. Een onderscheidend boek over een onderscheidende dienst.</p>
</body>
</article>