<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (Z39.96) Journal Publishing DTD v1.0 20120330//EN" "JATS-journalpublishing1.dtd">
<article article-type="book-review" xml:lang="en" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">BMGN</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>BMGN - Low Countries Historical Review</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="epub">2211-2898</issn>
<issn pub-type="ppub">0165-0505</issn>
<publisher>
<publisher-name>Royal Netherlands Historical Society &#x007C; KNHG</publisher-name>
<publisher-loc>Amsterdam, The Netherlands</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">bmgn-lchr.18073</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.51769/bmgn-lchr.18073</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject>Book Review</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Macht uit het zadel. De Politieke Partij Radikalen 1968-1990</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>van den Braak</surname>
<given-names>Bert</given-names>
</name>
<xref ref-type="aff" rid="aff1"/>
</contrib>
<aff id="aff1">Universiteit Maastricht en <sc>pdc</sc>/Montesquieu Instituut</aff>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>10</month>
<year>2023</year>
</pub-date>
<volume>138</volume>
<issue>0</issue>
<elocation-id>20230083</elocation-id>
<product>
<person-group person-group-type="editor">
<name><surname>van den Belt</surname><given-names>Christof</given-names></name>
<name><surname>Krabbendam</surname><given-names>Hans</given-names></name>
<name><surname>Oprel</surname><given-names>Marieke</given-names></name>
</person-group>
<source>Macht uit het zadel. De Politieke Partij Radikalen 1968-1990</source>
<publisher-loc>Amsterdam</publisher-loc>
<publisher-name>Boom</publisher-name>
<year>2022</year>
<page-range>256 pp.</page-range>
<isbn>9789024451340</isbn>
</product>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00A9; 2023 The author(s)</copyright-statement>
<copyright-year>2023</copyright-year>
<license xlink:href="https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/" license-type="open-access">
<license-p>This work is licensed under the Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)</license-p>
</license>
</permissions>
<self-uri xlink:href="http://www.bmgn-lchr.nl/articles/10.51769/bmgn-lchr.18073"/>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>De Politieke Partij Radikalen (<sc>ppr</sc>) lijkt soms bijna uit het geheugen te zijn verdwenen. Toch was het enige jaren een belangrijke politieke speler. In dit boek wordt op thematische wijze getracht de betekenis van de partij in beeld te brengen. Die thema&#x2019;s zijn ongelijkheid, vrede en veiligheid, participatie en milieu. Verder stelt het boek de vraag of die thema&#x2019;s nog terug te vinden zijn in GroenLinks, die mede uit de <sc>ppr</sc> voortkwam. Anders gesteld: wat zien we nu nog terug van dat gedachtegoed?</p>
<p>Publicaties en wetenschappelijke studies over de geschiedenis van de <sc>ppr</sc> zijn schaars. In 1983 verscheen van de hand van oud-<sc>ppr</sc>-Kamerlid Henk Waltmans het boek <italic>Niet bij Rood alleen. Vijftien jaar Nederlandse politiek en de geschiedenis van de <sc>ppr</sc>.</italic> Verder wordt in de wordingsgeschiedenis van GroenLinks uiteraard aandacht besteed aan de vier partijen, waaronder de <sc>ppr</sc>, die &#x00E9;&#x00E9;n van de vier fusiepartners was. Over leidende <sc>ppr</sc>-kopstukken ontbreken uitgebreide studies.</p>
<p>De <sc>ppr</sc> ontstond in 1968 nadat leden uit de linkervleugel van met name de <sc>kvp</sc> en in mindere mate de <sc>arp</sc> zich van hun partijen hadden afgescheiden. De partij vond zijn oorsprong feitelijk in een afsplitsing van de <sc>kvp</sc>-Tweede Kamerfractie in maart 1968. Toen vertrokken Jacques Aarden, Paul Janssen en (iets later) Annie Kessel uit onvrede over de in hun ogen te weinig progressieve koers van de <sc>kvp</sc> van Norbert Schmelzer. Hun fractiegenoot Harry van Doorn vertrok ook, maar hij verliet de Tweede Kamer. De breuk tekende zich al af in de Nacht van Schmelzer, toen vier <sc>kvp</sc>-leden tegen de (aangenomen) motie-Schmelzer stemden, die voor het kabinet-Cals reden was om ontslag te nemen. De onrust nam nadien toe in de <sc>kvp</sc>, maar uiteindelijk verliet slechts in 1968 een beperkt aantal leden de partij.</p>
<p>Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1971 bleef electoraal succes van de net opgerichte <sc>ppr</sc> nog uit: twee zetels. De <sc>ppr</sc> sloot zich nadien aan bij het progressieve blok van PvdA en D&#x2019;66 en onder anderen Aarden maakte in 1971 deel uit van een als alternatief gepresenteerd &#x2018;schaduwkabinet-Den Uyl&#x2019;. Daarmee wilden de drie een duidelijke keuze voorleggen aan de kiezers. In aanloop van de vervroegde verkiezingen van 1972 kwam na moeizame onderhandelingen een gezamenlijk verkiezingsprogramma genaamd &#x2018;Keerpunt 1972&#x2019; tot stand en opnieuw maakten <sc>ppr</sc>-leden deel uit van een &#x2018;alternatief kabinet&#x2019;. Na een succesvolle campagne onder leiding van Bas de Gaay Fortman en begunstigd door verlening van kiesrecht aan jongeren tussen 18 en 21 jaar, ging de partij van twee naar zeven zetels. Dat was gelijk het electorale hoogtepunt.</p>
<p>In 1973 gingen namens de <sc>ppr</sc> drie leden deel uitmaken van het kabinet-Den Uyl: Van Doorn (minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk), Boy Trip (minister van Wetenschapsbeleid) en Michel van Hulten (staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat). De partij was verdeeld en had aarzelingen, en feitelijk was de <sc>ppr</sc> slechts &#x2018;gedoger&#x2019;. Niettemin werd op belangrijke momenten parlementaire steun gegeven, al waren er ook wetsvoorstellen waar de <sc>ppr</sc>-fractie tegen stemde. De partij beschouwde zichzelf als luis in de pels van de PvdA.</p>
<p>Je zou kunnen zeggen dat de <sc>ppr</sc> tamelijk ambivalent stond tegenover het kabinet-Den Uyl en dat leidde er in de aanloop van de verkiezingen van 1977 (na de breuk in het kabinet) toe dat de <sc>ppr</sc> de linkse samenwerking afbrak en onder leiding van de nieuwe lijsttrekker Ria Beckers een zelfstandige koers koos. De linkse kiezers kozen in 1977 echter voor het grootste machtsblok, de PvdA. Die partij won tien zetels, terwijl de <sc>ppr</sc> van zeven zetels terugging naar drie. In de oppositie werd aanvankelijk vooral samengewerkt met de PvdA, maar spoedig werden de andere kleine linkse partijen (<sc>psp</sc>, <sc>cpn</sc> en <sc>evp</sc>) de &#x2018;natuurlijke&#x2019; bondgenoten. Zij gingen een proces van samenwerking in, die in 1989 uitmondde in een gezamenlijke kandidatenlijst en in 1991 in een fusie.</p>
<p>Een twintigtal auteurs uit de kring van Centrum voor Parlementaire Geschiedenis, Radboud Institute for Culture and History en Katholiek Documentatie Centrum (Nijmegen), als ook het Groningse Documentatiecentrum Nederlands Politieke Partijen beschrijft op sobere maar gedegen wijze deze geschiedenis en de thema&#x2019;s die kenmerkend waren voor de politieke strijd die de <sc>ppr</sc> voerde. Het ging dan onder meer om inkomensbeleid (de partij pleitte voor een basisinkomen), milieu en natuur, kernenergie, internationale solidariteit, kernbewapening, minderhedenbeleid, vrouwenemancipatie en medezeggenschap. De thema&#x2019;s worden afzonderlijk belicht. Getracht is strijd &#x2013; zowel binnen als buiten het parlement &#x2013; en resultaten in kaart te brengen. Binnen die thema&#x2019;s worden in verdiepende &#x2018;vensters&#x2019; personen en aspecten, zoals de partijcultuur, de relatie met vakbonden en de verhouding tot Europa, nader belicht. Daarmee is getracht een inkleuring te geven aan wat voor partij de <sc>ppr</sc> was, wie de opvallende politici waren en op welke wijze politiek werd bedreven. Van dat laatste was buitenparlementaire actie bijvoorbeeld een belangrijk onderdeel.</p>
<p>Over hoe de <sc>ppr</sc> in politieke zin opereerde is tot nu toe alleen iets te vinden in de beschrijving van de parlementaire geschiedenis van de jaren 1971-1982, onder redactie van Carla van Baalen en Anne Bos (<italic>Grote idealen, smalle marges</italic>, 2022). De rol tijdens het kabinet-Den Uyl liet al goed de worsteling zien tussen een principi&#x00EB;le opstelling en het pragmatisch zoeken naar en aanvaarden van compromissen. De partij worstelde met die keuze en in 1977 kwam het tot een strategische breuk met de PvdA. Gezien de recente stappen naar hechtere samenwerking tussen PvdA en GroenLinks zou je zeggen dat die worsteling een hoge actualiteitswaarde heeft. In <italic>Macht uit het zadel</italic> krijgt de strategische positionering echter relatief weinig aandacht. Het boek richt zich vooral op standpunten en personen.</p>
<p>Hoewel de vormgeving van een boek ondergeschikt is aan de inhoud, valt bij dit boek niet te ontkomen aan een oordeel over de eerdergenoemde &#x2018;vensters&#x2019; waarin met name belangrijke personen uit de geschiedenis van de <sc>ppr</sc> worden belicht. Die gedachte daarachter is op zichzelf prima, maar doordat de vensters qua vormgeving nauwelijks zijn te onderscheiden van de doorlopende tekst, komen ze nu als merkwaardige onderbrekingen van de tekst over. Vensters zijn handig in een lijvig boek, waarin een bepaald aspect als het ware wordt uitgelicht. Daarvan is in dit circa 250 pagina&#x2019;s tellende boek geen sprake.</p>
<p>In de epiloog wordt het boek omschreven als impressionistisch-thematische partijgeschiedenis. Dat klopt, maar het geeft ook de beperking aan. Met nam het aspect &#x2018;positionering&#x2019; tussen centrumlinks en radicaal-links vraagt om nadere studie. In die zin is eerder sprake van een eerste aanzet tot de geschiedschrijving dan van een afgerond beeld. Over <sc>ds</sc>&#x2019;70, een ander &#x2018;product&#x2019; van de jaren zestig, verscheen in 2003 een interessante dissertatie van Herman Vingerling en Chris Schouten (<italic>Democratisch Socialisten &#x2019;70. Nevenstroom in de sociaal-democratie?</italic>, 2003). Voor toekomstige historici ligt er dus nog een kans. Een uitgebreidere studie van de <sc>ppr</sc> is welkom.</p>
</body>
</article>