<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (Z39.96) Journal Publishing DTD v1.0 20120330//EN" "JATS-journalpublishing1.dtd">
<article article-type="book-review" xml:lang="en" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">BMGN</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>BMGN - Low Countries Historical Review</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="epub">2211-2898</issn>
<issn pub-type="ppub">0165-0505</issn>
<publisher>
<publisher-name>Royal Netherlands Historical Society &#x007C; KNHG</publisher-name>
<publisher-loc>Amsterdam, The Netherlands</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">bmgn-lchr.13632</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.51769/bmgn-lchr.13632</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject>Article</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>De rode paus. Biografie van Willem van Rossum <sc>cssr</sc> (1854-1932)</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Zeilstra</surname>
<given-names>Jurjen</given-names>
</name>
<xref ref-type="aff" rid="aff1"/>
</contrib>
<aff id="aff1">onafhankelijk onderzoeker en predikant in de protestantse gemeente van de Dorpskerk te Blaricum</aff>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>02</month>
<year>2023</year>
</pub-date>
<volume>138</volume>
<issue>0</issue>
<elocation-id>20230009</elocation-id>
<product>
<person-group person-group-type="author">
<name><surname>Poels</surname><given-names>Vefie</given-names></name>
</person-group>
<source>De rode paus. Biografie van Willem van Rossum <sc>cssr</sc> (1854-1932)</source>
<publisher-loc>Nijmegen</publisher-loc>
<publisher-name>Valkhof Pers</publisher-name>
<year>2021</year>
<page-range>736 pp.</page-range>
<isbn>9789056255251</isbn>
</product>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00A9; 2023 The author(s)</copyright-statement>
<copyright-year>2023</copyright-year>
<license xlink:href="https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/" license-type="open-access">
<license-p>This work is licensed under the Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)</license-p>
</license>
</permissions>
<self-uri xlink:href="http://www.bmgn-lchr.nl/articles/10.51769/bmgn-lchr.13632"/>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>De titel <italic>De rode paus. Biografie van Willem van Rossum <sc>cssr</sc> (1854-1932)</italic> is misleidend (<sc>cssr</sc> is een afkorting van: Congregatio Sanctissimi Redemptoris, de Redemptoristenorde). Van Rossum toonde weinig sociale betrokkenheid en had al helemaal niets met socialisme. Het gaat om een bijnaam uit de tijd van Van Rossum zelf en deze heeft betrekking op het rood dat hij als kardinaal droeg en de grote macht die daarmee gepaard ging. Hij werd ook wel de &#x2018;missiepaus&#x2019; genoemd. Erg geliefd was de strenge Van Rossum bij zijn collega&#x2019;s niet; meer dan vier stemmen heeft hij bij een pausverkiezing nooit gekregen. De toegewijde Nijmeegse onderzoekster en deskundige Vefie Poels, die helaas onlangs overleed, was een groot kenner van de missiearchieven en met dit wetenschappelijk goed onderbouwde, lijvige boek (735 pagina&#x2019;s) is zij erin geslaagd voor Van Rossum een monument op te richten. Poels is gefascineerd door het leven van deze belangrijke curiekardinaal, een kundig bestuurder, die ijverde voor de hervorming van missie en curie. Hij was een kritische, maar loyale Nederlander in Rome, in de stijl van de zestiende-eeuwse Nederlandse paus Adrianus <sc>vi</sc>, maar hij is vandaag, net als zijn illustere voorganger, bijna vergeten. Poels wil daarin verandering brengen.</p>
<p>Het verhaal komt moeizaam op gang. Eigenlijk moet er voor niet-ingewijden teveel tegelijk worden uitgelegd. Dat gaat niet altijd goed. Een organisatieschema wordt gemist. Bladzijden lang vraagt de lezer zich af wie Alfonsus van Liguori (1696-1787), de stichter van de redemptoristen, nu precies was. Wat was een &#x2018;Eucharistisch Congres&#x2019;&#x003F; Dat <italic>dicastero</italic> Italiaans is voor ministerie moet worden opgezocht. Ook &#x2018;congregatie&#x2019; is een verwarrend woord dat zowel betrekking kan hebben op een bestuursorgaan van de curie, als een kloostergemeenschap, een groep zelfstandige kloosters onder een gemeenschappelijke overste, of een vereniging van leken. Ingewikkeld en soms moeilijk te snappen is de rivaliteit tussen de orden onderling, maar ook tussen de reguliere religieuzen aan de ene kant en de diocesane seculiere kerkelijke hi&#x00EB;rarchie aan de andere kant. Voor jezu&#x00EF;eten moest blijkbaar bijna iedereen op zijn hoede zijn.</p>
<p>Het leven van Willem van Rossum speelde zich af in de tijd dat de kerk zich na zware klappen trachtte te herstellen. Immers, de paus was zijn grondgebied verloren aan de Italiaanse eenheidstaat. Industrialisatie en revolutionaire gisting brachten vervreemding van de arbeiders, terwijl wetenschap de autoriteit van Bijbel en paus had ondergraven. Het antwoord werd gezocht in compensatie, restauratie en de tegenaanval: de paus was sinds 1870 <italic>ex cathedra</italic> onfeilbaar, Leo <sc>xiii</sc> vroeg in <italic>Rerum Novarum</italic> aandacht voor de sociale kwestie, bijbelwetenschap werd aan banden gelegd door middel van index en censuur, en in 1929 kwam er een concordaat met de fascisten om tot verzoening (<italic>Conciliazione</italic>) te komen met de Italiaanse staat.</p>
<p>De belangrijkste tegenaanval was de krachtige bundeling van een wereldwijde missie onder de centrale leiding van de Congregatie Propaganda Fide waarvan Van Rossum in 1918 de prefect werd. Zodoende was hij ooit een beroemde Nederlander die in Rome een gewichtige rol speelde. Vandaag is hij verdwenen achter de missiepausen Benedictus <sc>xv</sc> en Pius <sc>xi</sc>. De missie werd uitgevoerd tegen de achtergrond van het ethisch imperialisme en Europees kolonialisme, een problematische contextualiteit die de auteur onvoldoende belicht. In een krachtige professionalisering zocht Van Rossum naar een katholiek antwoord op de protestantse zendingssuccessen. Zijn beleid was dat de missie niet zou verworden tot steunpilaar van nationalistisch kolonialisme, maar gericht zou zijn op het ontwikkelen van inheemse kerken met eigen bisschoppen loyaal aan Rome, waarbij kloosterorden en vooral vrouwelijke congregaties een belangrijke rol speelden. Dit werd hem niet door iedereen in dank afgenomen. Kritiek was er bijvoorbeeld in Frankrijk, waar een rijke missie, ondanks <italic>la&#x00EF;cit&#x00E9;</italic>, als een nationale trots werd gezien, gericht op de verspreiding van niet alleen het evangelie, maar ook de Franse cultuur. Poels ziet in het streven van Van Rossum een verband met het zelfbeschikkingsrecht der volken, voor de Amerikaanse president Wilson uitgangspunt bij de Vrede van Versailles, maar dat overtuigt niet echt.</p>
<p>De intelligente Van Rossum groeide op in Zwolle en was op jonge leeftijd al weeskind. Hij klom op in de kerk, maar zou als hervormingsgezinde Nederlander aan de top tussen de Italianen in Rome altijd een buitenstaander blijven. Al jong was hij onder de indruk van redemptoristen met hun volksmissies, die in 1732 bij Napels waren opgericht door Alfonsus van Liguori, en hij besloot in te treden. Alfonsus stond bekend om zijn moraaltheologie, waarop een sterk ethische prediking werd gebaseerd met een persoonlijk app&#x00E8;l. Poels maakt niet goed duidelijk wat in de strijd rond de Rooms-katholieke opleidingen, waarin Van Rossum als rector van het redemptoristenseminarie in Wittem verzeild raakte, nu precies het probleem was wanneer het ging om het verschil tussen de leer van Thomas van Aquino (pauselijk aanbevolen sinds 1879) en die van Alfonsus. Enerzijds werden zij tegenover elkaar gezet, anderzijds doorstond Alfonsus tenslotte de toets van de Neothomisten. Van Rossum bewonderde Alfonsus, maar zelf verrichtte hij geen missionair of pastoraal werk. In 1895 werd hij naar Rome gestuurd, waar hij snel carri&#x00E8;re maakte, en in 1911 werd hij vanwege zijn grote organisatiegaven tot curiekardinaal gecre&#x00EB;erd.</p>
<p>In Nederland was er na het herstel van de bisschoppelijke hi&#x00EB;rarchie in 1853 sprake van een ontwakend Rooms-katholiek zelfbewustzijn. In tegenstelling tot Duitsland (<italic>Kulturkampf</italic>) en Frankrijk (de wetgeving van 1905) waren de mogelijkheden voor Rooms-katholieke instellingen in Nederland gunstig en zij bloeiden op. Van Rossums eerste bezoek als kardinaal was een triomftocht, het Eucharistisch Congres in Amsterdam in 1924, een feest vol katholiek zelfvertrouwen. Maar de katholieke minister-president Ruijs de Beerenbrouck vreesde voor een terugslag ten nadele van het katholieke volksdeel wanneer de Roomse emancipatie al te openlijk zou worden gevierd.</p>
<p>In Rome streefden de meeste Italiaanse curiekardinalen naar macht door het stapelen van functies. Een antiek Italiaans patronagesysteem was de erfenis van Romeinse rijk en feodaliteit, maar Itali&#x00EB; als <italic>nazione sacerdotale</italic> was ontregeld door de vereniging van het nieuwe Itali&#x00EB; en van 1870 tot 1929 beschouwde de paus zich als &#x2018;gevangene in het Vaticaan&#x2019;. Herhaaldelijk registreert Poels willekeur, machtsstreven, eerzucht, rivaliteit, incompetentie, onderlinge tegenwerking, vriendjespolitiek en eenzaamheid. Evangelische waarden waren vaak ver te zoeken. Van Rossum ergerde zich vaak mateloos aan de misstanden, maar bleef, zeker naar buiten toe, gezagsgetrouw. Tot een kritische analyse van het geheel komt de auteur nauwelijks toe.</p>
<p>De missie bloeide wereldwijd op, maar in zijn enthousiasme was Van Rossum niet altijd realistisch, getuige het megalomane project van de kathedraalbouw voor een paar honderd gelovigen in Reykjavik. Hij verwierp de protestantse oecumenische beweging en stemde in met de veroordeling ervan door Pius <sc>xi</sc>, in <italic>Mortalium Animos</italic> in 1928. Er was maar &#x00E9;&#x00E9;n oecumene en dat betekende zowel voor protestanten als Oosters-orthodoxen (steevast schismatici genoemd) dat zij zich dienden te bekeren tot de moederkerk. Van Rossum en zijn Propaganda Fide werden niet gehinderd door het inzicht dat proselitisme haaks staat op oecumenisch vertrouwen. Verbazingwekkend is hoe serieus een kerkleider als Van Rossum nog in de twintigste eeuw bezig was met relikwie&#x00EB;n en dat hij geautoriseerde aflaten bij wijze van cadeautjes kon uitdelen. Poels registreert het alsof het heel normaal is.</p>
<p>De conservatieve Van Rossum was tegen gemengde huwelijken en tegen gemengde vakbonden. Hij verzette zich als voorzitter van de Bijbelcommissie fel tegen wat in de wetenschap modernisme genoemd werd. Van Rossum voerde een ware heksenjacht op Rooms-katholieke bijbelwetenschappers die de historisch-kritische methode hanteerden. Eenmaal kardinaal was hij soms wat soepeler wanneer dat hem voordeel opleverde. Het slot van dit dikke boek, met echt teveel details, is ineens heel spannend omdat de loyale Van Rossum vlak voor zijn dood, anoniem, een uiterst scherp pamflet vol kritiek op de leiding van de kerk, inclusief de paus, bleek te hebben geschreven. In plaats van het kleverige bureaucratische patronagesysteem zette van Rossum voor de curie in op de veel meer internationaal geori&#x00EB;nteerde kapittel-gebaseerde bestuursvorm van de kloosterorden. Dit kon Pius <sc>xi</sc> niet over zijn kant laten gaan. Juist op het moment dat Van Rossum tijdens een bezoek aan Nederland overleed, dreigde zijn ontslag. In Rome was men hem gauw vergeten. Het archief van de Bijbelcommissie verdween op mysterieuze wijze, tot verdriet van Poels. Ware dit niet zo, dan was het zeer informatieve boek nog dikker geweest.</p>
</body>
</article>