<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (Z39.96) Journal Publishing DTD v1.0 20120330//EN" "JATS-journalpublishing1.dtd">
<article article-type="book-review" xml:lang="en" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">BMGN</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>BMGN - Low Countries Historical Review</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="epub">2211-2898</issn>
<issn pub-type="ppub">0165-0505</issn>
<publisher>
<publisher-name>Royal Netherlands Historical Society &#x007C; KNHG</publisher-name>
<publisher-loc>Amsterdam, The Netherlands</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">bmgn-lchr.13244</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.51769/bmgn-lchr.13244</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject>Article</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Gespierde zielen. Johannes Lublink (1736-1816): menslievendheid, sociabiliteit en welzijnspolitiek in de achttiende eeuw</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Koopmans</surname>
<given-names>Joop W.</given-names>
</name>
<xref ref-type="aff" rid="aff1"/>
</contrib>
<aff id="aff1">Rijksuniversiteit Groningen</aff>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>10</month>
<year>2022</year>
</pub-date>
<volume>137</volume>
<issue>0</issue>
<elocation-id>2022065</elocation-id>
<product>
<person-group person-group-type="author">
<name><surname>de Vries</surname><given-names>Cor</given-names></name>
</person-group>
<source>Gespierde zielen. Johannes Lublink (1736-1816): menslievendheid, sociabiliteit en welzijnspolitiek in de achttiende eeuw</source>
<publisher-loc>Hilversum</publisher-loc>
<publisher-name>Verloren</publisher-name>
<year>2020</year>
<page-range>320 pp.</page-range>
<isbn>9789087048419</isbn>
</product>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00A9; 2022 The author(s)</copyright-statement>
<copyright-year>2022</copyright-year>
<license xlink:href="https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/" license-type="open-access">
<license-p>This work is licensed under the Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)</license-p>
</license>
</permissions>
<self-uri xlink:href="http://www.bmgn-lchr.nl/articles/10.51769/bmgn-lchr.13244"/>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>Johannes Lublink jr. (1736-1816) is een sprekend voorbeeld van een persoon die in zijn eigen tijd bekendheid genoot, maar na zijn dood geen prominente plaats in de historiografie verwierf. Toch was hij een vooraanstaand figuur in de Nederlandse genootschapscultuur van de achttiende eeuw en een gezaghebbend staatsman in de Bataafse Republiek. Ook manifesteerde hij zich als letterkundige, toneelspeler, musicus en schilder in de Amsterdamse culturele wereld. Voor zijn eigen geloofsgemeenschap van lutheranen berijmde hij psalmen en maakte hij gezangen. Zijn lijst van geschriften en vertalingen is imposant, zeker gezien alle werkzaamheden die hij op zich nam.</p>
<p>Lublinks brede gerichtheid is ongetwijfeld mede debet aan zijn latere onbekendheid. Wanneer slechts een of enkele facetten van zijn activiteiten in specifieke kaders worden belicht, is hij niet uitzonderlijk genoeg om als een uniek persoon op te vallen. Pas bij de optelsom van zijn bezigheden wordt duidelijk hoe gedreven, dynamisch en actief hij was. Bovendien zocht Lublink als politicus niet de schijnwerpers op. Hij werkte liever achter de schermen, bijvoorbeeld in commissies. Vele tijdgenoten moeten zijn inspanningen echter hebben gewaardeerd, want anders was hij niet diverse keren herkozen in de Bataafse volksvertegenwoordigingen.</p>
<p>Voor de docent Nederlands Cor de Vries is dit al vele jaren bekend. Zijn onderzoek naar het leven en werk van Lublink begon tijdens zijn studie Historische Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam in de jaren 1980. Dit leidde tot een eindscriptie over het literaire werk van Lublink en nadien tot diverse publicaties over de man en zijn context. De zoektocht van De Vries kon uiteindelijk via een promotiebeurs voor leraren uitmonden in een proefschrift, dat in 2020 is verdedigd aan de Vrije Universiteit Amsterdam. De onderhavige handelseditie, die nog in datzelfde jaar verscheen, is zonder meer de spreekwoordelijke kroon op het langdurige onderzoekswerk van De Vries.</p>
<p>De meervoudige hoofdtitel <italic>Gespierde zielen</italic> verraadt impliciet dat &lt;softenter&gt;dit boek niet alleen over Lublink gaat, maar ook over geestverwanten met wie hij samenwerkte in een aantal genootschappen. Lublinks levensloop komt echter wel voldoende voor het voetlicht. Ten eerste doordat er na het inleidende hoofdstuk, waarin het onderzoek wordt ingekaderd, een biografisch hoofdstuk volgt. Maar ook in de vier aansluitende thematische &lt;softenter&gt;hoofdstukken over achttiende-eeuwse gevoelens, genootschappen, welzijnsidealen en Bataafse politiek weet de auteur de levensloop van zijn &lt;softenter&gt;hoofdpersoon, voor zover dat mogelijk is, te integreren. Daarbij is de vraag naar het ideologische verband tussen Lublinks letterkundige, genootschappelijke en politiek activiteiten leidend; een koppeling die nog niet was gemaakt. &#x2018;Menslievendheid&#x2019;, &#x2018;verdraagzaamheid&#x2019;, &#x2018;gelijkwaardigheid&#x2019; en &#x2018;vrijheid&#x2019; zijn de belangrijke sleutelwoorden om tot de beantwoording van de hoofdvraag te komen. De Vries bouwt hiermee voort op idee&#x00EB;n van historici die in de afgelopen jaren de invloed van gevoelens op cultureel, maatschappelijk en politiek terrein tijdens de achttiende eeuw hebben onderkend, zie bijvoorbeeld nummer 129-2 (2014) van <sc>bmgn</sc> &#x2013; <italic>Low Countries Historical Review</italic>, waarin de resultaten te vinden zijn van het <sc>knhg</sc>-najaarscongres van 2011, het eerste in Nederland dat gewijd was aan emotiegeschiedenis.</p>
<p>De Vries beschouwt Lublink als een representant van de &#x2018;gevoelige Verlichting&#x2019;, als een &#x2018;gespierde ziel&#x2019;, een term uit het werk van Lublink zelf. Kenmerkend voor de &#x2018;gevoelige Verlichting&#x2019; was het streven naar vreedzame hervorming van de samenleving, met daarbij veel empathie voor gediscrimineerden en zwakkeren. De auteur bestudeert het leven en werk vanuit dit emotioneel-historische perspectief, dat wil zeggen met veel aandacht voor de verwoording van gevoelens van naastenliefde en medelijden. In het derde hoofdstuk beschouwt hij op die wijze Lublinks literaire werk, vooral diens treurige mortuaire teksten, sentimentele romans en kerkliederen. Hij concludeert dat Lublink via deze literaire genres probeerde de ontwikkeling van gevoelens te stimuleren. Vervolgens is het emotioneel-historische perspectief ook de invalshoek van waaruit Lublinks politiek-maatschappelijke handelen wordt benaderd.</p>
<p>Het vierde hoofdstuk is met 89 van de 320 pagina&#x2019;s een waterhoofd in dit boek. Dat komt doordat De Vries al het genootschappelijke werk van Lublink hierin behandelt. Gezien de betekenis en omvang ervan had dit gemakkelijk een apart boek kunnen opleveren. Lublink heeft namelijk vanaf 1765 een belangrijke rol gespeeld in een groot aantal maatschappelijke instellingen. Dat waren &#x2013; deels achtereenvolgens en deels gelijktijdig &#x2013; de genootschappen Diligentiae Omnia, Concordia et Libertate en Libertate et Concordia, de nog altijd bestaande Maatschappij tot Redding van Drenkelingen, de Oeconomische Tak van de Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen en de ook nog altijd actieve Vaderlandsch Fonds-Kweekschool voor de Zeevaart.</p>
<p>Voor de geschiedschrijving van de Nederlandse genootschappen is dit vierde hoofdstuk van grote waarde. Het valt dan ook te hopen dat het niet onopgemerkt blijft doordat er niet aan wordt gerefereerd in de titel van De Vries&#x2019; boek. Het was daarom slim geweest om het woord &#x2018;sociabiliteit&#x2019; in de ondertitel te vervangen door de term &#x2018;genootschappelijkheid&#x2019;, ook al heeft die een andere lading en is die minder modieus. Dit laat onverlet dat de auteur op systematische wijze bij alle genoemde gezelschappen en instanties nagaat wat Lublink als bestuurslid heeft gedaan en hoe hij de bevordering van het maatschappelijk welzijn diende. Door subparagrafen te wijden  aan het patriotse gehalte van de behandelde organisaties slaat de auteur in dit hoofdstuk ook de brug van het maatschappelijke naar het politieke domein, waarin Lublink in toenemende mate verzeild raakte.</p>
<p>Politiek activisme kon Lublink openlijk tonen in de patriottentijd. Hij opereerde niettemin gematigd en hoefde niet te vluchten in 1787, toen Pruisen het orangistische gezag in de Republiek herstelde en vele patriotten het land moesten verlaten om aan vervolging te ontkomen. Daarna was hij tot 1795 gedwongen zijn welzijnsidealen op de achtergrond te bepleiten. Maar ook daarin slaagde hij zo goed en zo kwaad als het ging. Na de Bataafse Revolutie kon hij zich volledig uitleven, onder andere in ruim zeventig politiek-bestuurlijke commissies, ingesteld voor bijvoorbeeld onderwijs, armenzorg, kerkelijke zaken, justitie en gezondheidszorg. De politieke vertaling van Lublinks genootschapsidealen analyseert De Vries verdienstelijk in het vijfde en zesde hoofdstuk, die allebei waardevolle bijdragen zijn voor de geschiedschrijving over het patriotse en Bataafse tijdvak. Evenals Joost Kloek en Wijnand Mijnhardt toont hij aan dat Lublink geen onbetekenend figuur was, zoals hij wel is weggezet door bijvoorbeeld Gerrit Paapes biograaf Peter Altena.</p>
<p>Johannes Lublink was getrouwd met Cornelia Rijdenius. In het biografische hoofdstuk stelt de auteur dat zij haar echtgenoot ondersteunde bij zijn werk en dat van commentaar voorzag. Ook vermeldt hij dat haar egodocumenten zijn benut. Toch blijft Rijdenius vrijwel geheel onder de radar in dit boek, wat in een ware biografie waarschijnlijk minder het geval zou zijn geweest. Daarin zou ook stellig meer aandacht geschonken zijn aan de economische activiteiten van de firma Lublink, die zich bezighield met tabaksspinnerij in Suriname en het beheer van een beleggingsfonds in Surinaamse suikerplantages en Engelse beleggingen. Anders gezegd, Lublink verdient nog meer onderzoek en publicaties.</p>
<p>In deze handelseditie zijn niet de nuttige appendices van de dissertatie opgenomen met daarin onder andere ledenlijsten van de genootschappen waaraan Lublink deelnam. De titels van deze bijlagen worden echter wel vermeld in de inhoudsopgave, inclusief een verwijzing naar de digitaal beschikbare versie van het proefschrift. Beide uitgaven bevatten gelukkig wel een groot aantal relevante illustraties. Deze veraangenamen het lezen van dit qua invalshoek originele en prettig geschreven boek alleen nog maar meer.</p>
</body>
</article>